Herkauwer

Bij Slingeland Dierenartsen zijn tien geborgde rundveedierenartsen werkzaam. Door middel van nascholing en internationale symposia houden we onze kennis up to date. Zelf geven we cursussen aan melkveehouders. We zijn landelijk actief en betrokken bij het project 'grip op klauwen' en Dry2Fresh.

De geborgde rundveedierenartsen van Slingeland Dierenartsen zijn:

  • Sanne van Dieten
  • Aukje Geurtsen
  • Frank van Hagen
  • Thomas Lohuis
  • Johan Mol
  • Rosan Peters Sengers
  • Rogier Schenk
  • Sjaak Uiterwaal
  • Bart Wille


Bedrijfsgezondheidsplan (BGP)
Per 1 januari 2012 is iedere melkveehouder verplicht om een Bedrijfsbehandelplan (BBP) en een Bedrijfsgezondheidsplan (BGP) te hebben. Dit houdt in dat er voor iedere aandoening een protocol klaarligt met de meest geschikte behandeling. In het bedrijfsgezondheidsplan staat beschreven met welke maatregelen een gezondere veestapel gerealiseerd kan worden.

Uw rundveedierenarts helpt u hiermee.  In een één-op-één-gesprek met uw rundveedierenarts wordt alles besproken. Deze bespreking dient u voor te bereiden om alles zo vlot mogelijk af te kunnen handelen. Hier vindt u een het BGP-protocol.


Dierziekten:
Hieronder vindt u informatie over Pinkengriep en Q-fever


Pinkengriep: preventie is noodzaak
Pinkengriep is een virusinfectie, die op alle rundveebedrijven voorkomt. De ziekte veroorzaakt ernstige schade aan de longen en treedt vooral op bij jongvee in het eerste stalseizoen. Deze longschade is vaak onherstelbaar. Vooral in de herfst en aan het begin van de winter komen er infecties voor.

Vaccinatie biedt  de beste oplossing tegen Pinkengriep:

  • Vaccinatie biedt een goede bescherming tegen de klinische symptomen
  • Vaccinatie beperkt de aantasting van de longen
  • Vaccinatie vermindert de groeivertraging
  • Vaccinatie geeft minder behandelingskosten. 

Er zijn verschillende mogelijkheden tot vaccinatie, afhankelijk van de bedrijfssituatie:

  1. Traditioneel vaccineren:
    Alle kalveren in het eerste levensjaar (vanaf een leeftijd van 6 weken) tegen het einde van de zomer tweemaal vaccineren met een tussentijd van 4 weken
  2. Jaarrond vaccineren:
    Gedurende het gehele jaar alle kalveren tweemaal vaccineren (vanaf een leeftijd van 6 weken) met een tussentijd van 4 weken
  3. Hoge infectiedruk:
    Wanneer de bescherming via de biest onvoldoende is, kan op jongere leeftijd worden gevaccineerd. 

Samen met uw dierenarts wordt er een vaccinatieschema gemaakt, dat het meest ideaal is voor uw bedrijf.  Informeer naar de mogelijkheden.


Q-fever
Q-fever of Q-koorts is een zoönose. Dit betekent dat de ziekte van dier op mens kan overgaan. De veroorzaker van Q-fever is de bacterie Coxiella burnetti. De verwekker kan bij veel diersoorten voorkomen, maar veroorzaakt meestal geen problemen. Bij schapen en geiten kan deze bacterie abortus veroorzaken. Hierbij zijn nageboorte, vruchtvliezen en vruchtwater van de besmette dieren zeer infectieus. De bacterie kan vervolgens lang in de omgeving overleven.

De diagnose Q-fever is in ons land voor het eerst vastgesteld in 2005. Sindsdien zijn abortusproblemen vastgesteld bij enkele schapenbedrijven en ruim twintig geitenbedrijven. 


Vaccinatie: verplichtingen en mogelijkheden
Om blootstelling zoveel mogelijk te voorkomen, heeft het Ministerie verschillende maatregelen genomen, waaronder een verplichte vaccinatie van schapen en geiten op grote melkschapen en melkgeitenhouderijen en op zorg- en kinderboerderijen in een deel van Noord-Brabant. In de rest van Nederland is vrijwillige vaccinatie mogelijk. Hiervoor kunt u zich aanmelden op de website www.capraovis.nl

Opmerking: De vaccinatie kan tot abortus leiden. U kunt dus alleen niet-drachtige dieren vaccineren. Neemt u voor verdere vragen contact met ons op. We geven u graag nader advies op dit gebied.

 

Enten met Startvac®: minder en minder heftige uierontstekingen die ook beter herstellen

Een goede uiergezondheid is afhankelijk van erg veel factoren. Voor bedrijven met teveel uierontstekingen is er een nieuwe oplossing: een enting met Startvac®.

Gerichte afweer opbouw

Door te enten met Startvac® wordt het afweersysteem van de koe gericht geactiveerd tegen uierinfecties met E.coli/Klebsiella, S.aureus en CNS. In onafhankelijk onderzoek is aangetoond dat er na het enten minder uierontstekingen voorkomen maar ook dat de uierontstekingen minder heftig zijn. Het herstel van de uieronstekingen is beter en uiteindelijk daalt ook het  tankcelgetal. Het is wel noodzakelijk om eerst andere weerstandsafhankelijke factoren uit te sluiten zoals bijvoorbeeld BVD of IBR.

Ervaring

 “Tijdens de nieuwbouw was in onze bestaande stal wat overbezetting waardoor de uiergezondheid onder druk kwam te staan. Structureel hadden we de risicofactoren voor uiergezondheid goed in beeld maar niet alle noodzakelijke aanpassingen waren op dat moment uitvoerbaar. Het enten met Startvac heeft een goede boost gegeven aan de weerstand van de koeien. Ik heb hele goede resultaten gezien van de enting. Na de enting daalde het tankcelgetal binnen een maand naar een acceptabel niveau.”


Oog voor drinkwaterkwaliteit

Aan het rantsoen van koeien wordt veel aandacht besteed, maar het belang van goed drinkwater is minstens even groot als het belang van goed voer. Immers de koe vreet minder als zij geen, een mindere of een slechte kwaliteit drinkwater tot haar beschikking heeft. Om ervoor te zorgen dat een koe voldoende water opneemt, is het belangrijk dat het water beschikbaar en smakelijk én van een goede kwaliteit is.

Recent onderzoek

Uit recent onderzoek (2013) van de GD, komt naar voren dat bij de bron ongeveer 17% van de watermonsters minder geschikt of ongeschikt zijn, terwijl bij de drinkplek meer dan 50% van de watermonsters minder geschikt of ongeschikt zijn als drinkwater.

Zekerheid over de drinkwaterkwaliteit

Het is verstandig om bij twijfels over waterkwaliteit in de drinkbakken, de waterkwaliteit te  laten onderzoeken en te monitoren. Immers, een minder geschikte waterkwaliteit is bij langdurig gebruik een risico voor de gezondheid en een slechte waterkwaliteit leidt tot schade bij uw dieren. Een periodieke check van het drinkwater in de drinkbakken geeft u inzicht en helpt u om een gezonde en smakelijke waterkwaliteit te waarborgen voor uw rundvee.

Is uw interesse gewekt, neem dan contact op met uw eigen begeleidend dierenarts of met de praktijk.

 

Bacteriologisch onderzoek op melk

Bacteriologisch onderzoek (BO) op melk wordt door onze praktijk uitgevoerd door een vast team artsen en assistentes, die hiervoor speciaal opgeleid zijn. Sinds ruim 6 maanden zetten we hierbij  een aantal extra bepalingen in, om een nog betere (vollediger) uitslag te krijgen. Ook onze manier van gevoeligheidsbepaling (ABG)  is verder verbeterd door een verdere standaardisering vanuit GD en CVI.

Ons streven is om bij klinische mastitis (vlokken en/of zieke koe) de volgende dag een voorlopige uitslag door te geven. Bij subklinische mastitis (hoog celgetal) zal een uitslag niet altijd binnen 2 dagen bekend zijn (monsters net voor of in het weekend gebracht zullen na het weekend pas ingezet worden).

Aangezien de extra bepalingen en de (uitgebreidere) gevoeligheidsbepaling  extra kosten betekenen, zijn wij genoodzaakt onze tarieven wat te verhogen en tevens een bedrag in rekening te brengen voor  het uitvoeren van een gevoeligheidsbepaling. Gelieve bij het brengen van melkmonsters duidelijk aan te geven of een gevoeligheidsbepaling gewenst is, of niet.

Wat betekent dit voor u:

Basiskosten lab wordt: €9,-  Prijs per melkmonster: €10,- en prijs voor een ABG: €11,-

Dit zijn tarieven die onder de GD-tarieven liggen. Daarnaast zal de uitslag gemiddeld 1-2 dagen eerder bekend zijn dan bij inzenden naar de GD. Uit de rondzendprocedure vanuit de GD en CVI blijkt onze praktijk netjes te voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen.

 

Mineralenbolussen

De Achterhoekse grond staat bekend als schrale grond. Dit zorgt ervoor dat de gewassen vaak gewonnen worden met lage gehaltes aan onder andere seleen. Seleen kan wel extra aangebracht worden op het land, maar dit heeft slechts een uitwerking in 1 snede. Een directere weg om mineralen toe te dienen is toediening via een bolus.

Er zijn vele verschillende bolussen op de markt. Hierbij is de samenstelling van essentieel belang. Maar ook de coating van deze bolussen, want die  bepaalt de werkingsduur en is dus minstens zo belangrijk. De bolussen die wij in het assortiment voeren (Fertiplus bolussen) zijn getest op zowel samenstelling als werkingsduur. Met het ingeven van een bolus krijgt iedere koe de juiste hoeveelheid binnen. Dit is een groot voordeel ten opzichte van likstenen. Daarbij  loopt de opname namelijk enorm uit elkaar en is de kans op tekorten (en overmaat) te groot.

Ons advies: Gebruik een speciale rundvee bolus, bijvoorbeeld Cowrocket, voor uw melkvee bij droogzetten en gebruik een Fertiplusbolus voor uw jongvee (vanaf een leeftijd van 12-13 maanden). Zo dient u de juiste hoeveelheid toe aan de dieren die er het meest bij gebaat zijn.

Weet u de status van uw koeien niet? Laat dan bloedonderzoek doen voor het stellen van een diagnose. Uw dierenarts weet welke koeien hiervoor in aanmerking komen.

Speciale nieuwsbrief actieprijs Fertiplus bolus € 4,25  

(werkt 6mnd) (dosering: 2 bolussen per koe)